afbeelding van hetkanWel
hetkanWel Auteur

Tweedehands textiel voor Afrika: waarom we blijven inzamelen

Onlangs verscheen een artikel van NOS over het weren van tweedehands kleding door Afrikaanse landen. Gaan we stoppen met inzamelen?

Zes Afrikaanse landen overwegen om tweedehands kleding uit Europa te weren, waaronder Kenia, Oeganda en Rwanda.  Met een importverbod willen zij hun eigen textielindustrie laten groeien. Hun doel is om binnen drie jaar de grenzen te sluiten voor westers tweedehands textiel en schoeisel. Wat zou zo’n importverbod betekenen voor de mensen daar?  En hoe realistisch is het dat we over een paar jaar niet meer inzamelen voor deze Afrikaanse landen?

“Ik geloof dat we zolang ik werk textiel blijven inzamelen voor Afrikaanse landen.” zegt Marc Vooges, directeur van Sympany.  “De betrokken regeringen gaan er van uit dat ze werkgelegenheid zullen terug winnen door de lokale maakindustrie leven in te blazen. Maar waarom zouden deze twee markten niet naast elkaar kunnen blijven bestaan?”

Een overweging

Waarom zouden we dan nog kleding inzamelen als landen het zelf rooien? Volgens Marc Vooges ligt het niet zo makkelijk: “ Allereerst is het een overweging die deze landen maken, het staat nog niet vast. Daarnaast is er wel degelijk behoefte aan tweedehands kleding in deze landen. Waar de regeringen aan voorbij gaan is dat de nieuwe producten waarschijnlijk duurder zijn dan die uit de tweedehands kledingmarkt. De kans is daardoor groot dat de allerarmste mensen die producten helemaal niet kunnen betalen.”

Een nieuwe lokale markt zou natuurlijk ook een positieve impact kunnen hebben op een ander vlak. Bijvoorbeeld door meer arbeidsplaatsen te creëeren. Maar daar tegenover staat dat er ook een hoop arbeidsplekken verloren gaan in de tweedehands textielmarkt. Het netto resultaat van zo’n actie is dan misschien minder positief dan het in eerste instantie lijkt. 

“Maar laten we juist eens uit gaan van het positieve.” zegt Marc Vooges. “Volgens mij schiet je niks op met een ban op tweedehands kleding uit het westen. Ik geloof wel dat het belangrijk is om een lokaal initiatief duurzaam te maken, zodat het zonder overheidssteun de tand des tijd kan doorstaan. Als je dat goed opzet, hoeft dat elkaar helemaal niet te bijten.”

Waarom we blijven inzamelen

Jaarlijks zamelt Sympany in Nederland maar liefst 23 miljoen kilo textiel in. Dat sorteren ze niet allemaal zelf. Een deel daarvan verkopen ze namelijk aan andere sorteerbedrijven. Daarom is het moeilijk om precies te zeggen hoeveel daar van in Afrikaanse landen terechtkomt. “Globaal mag je uitgaan van 15 procent.” Aldus Marc Vooges. “ Dat lijkt misschien niet veel, maar het maakt een grote impact op allerlei vlakken.”

Hij licht toe: “Ten eerste is het goed voor het milieu: alles wat niet in de verbrandingsoven verdwijnt, kan een nuttige tweede bestemming krijgen. Ten tweede kan herdraagbare kleding gedragen worden door mensen met een kleine portemonnee. Een derde vlak is die van mensen in Nederland met een afstand tot de arbeidsmarkt. Zij kunnen aan de slag in de textielverwerking.Tot slot gaat de winst die we maken naar mooie projecten in het buitenland.”

Een voorbeeld van een van die projecten is een naaiopleiding in Kinshasa, de hoofdstad van DR Congo. Hier krijgen 33 vrouwen een vakopleiding waarmee ze in hun eigen onderhoud kunnen voorzien. Verder is Sympany ook bezig om in India de arbeidsomstandigheden te verbeteren in de maakindustrie.

Een nieuwe uitdaging

Marc Vooges is niet bang dat we zullen stoppen met inzamelen. Door de groei van de wereldbevolking en de langzame economische verbetering van Afrikaanse landen is er nog steeds een grote groep mensen die tweedehands kleding heel goed kan gebruiken, daar is hij van overtuigd. Sympany blijft bezig om de arbeidsomstandigheden en veiligheid in buitenlandse bedrijven via westerse maatstaven te waarborgen. Marc Vooges: “ Verder zijn we zijn bezig met een proef om via recycling nieuwe garen maken, zodat die door lokale weefsters weer tot nieuwe textielproducten kunnen worden omgevormd. Als we daarin slagen kunnen we dat verder gaan uitwerken.”

In het verlengde van die proef ligt de grootste uitdaging voor Sympany op dit moment. Marc Vooges vertelt enthousiast: “ We willen graag een hoogwaardige toepassing vinden voor niet-herdraagbaar textiel. Op dit moment wordt dat vooral gebruikt in isolatiemateriaal en in de poetslappen industrie. Het zou geweldig zijn als we de grondstoffen van textiel kunnen gebruiken voor andere producten. Dan kunnen we gigantische stappen maken! Ik zou dan ook graag met gelijkgestemde textielbedrijven willen samenwerken aan deze zoektocht.  Het lijkt me mooi om in de toekomst zo’n grote verandering teweeg te brengen, zowel in Nederland als daar buiten.”

 

Afbeelding boven: Madame Bebe. Zij heeft de opleiding tot kleermaker gevolgd in Kinshasa, DR Congo. Foto: Sympany.Bron: ​Klik hier voor het artikel van de NOS 

afbeelding van hetkanWel
hetkanWel Auteur

hetkanWel ziet de toekomst als een kans. Een kans voor een schonere en eerlijkere wereld. Een kans voor een verantwoorde lifestyle. Een kans voor nieuwe energie. Een kans voor dialoog. Een kans voor nieuwe media. Met hetkanWel maak je jouw wereld groener, eerlijker en leuker!

INSPIRATIE

Meer blogs in Mens en samenleving

Alle 1.475 blogs